Risotto. Vaak beschreven als een lastig te bereiden product. Je moet er tijd voor hebben, dat is waar. Maar je hoeft echt niet de hele tijd met je lepel in de pan te staan. Regelmatig roeren terwijl je in de keuken bezig bent volstaat. Eigenlijk heel makkelijk dus.
Ik begin met de risotto en maak ondertussen de andere onderdelen van de maaltijd klaar. Ik heb geen idee of ik het bereid zoals 'het hoort', maar het is nog nooit mislukt en smaakt ons voortreffelijk. Dus prima lijkt me.
Mijn bereiding
Gebruik bij voorkeur arboriorijst van goede kwaliteit, maar de supermarkt verkoopt tegenwoordig ook risottorijst, mocht je geen delicatessezaak in de buurt hebben waar de echte Italiaanse rondekorrelrijst verkopen.
Maak van een bouillonblokje en een liter water een krachtige bouillon naar keuze. Ik gebruikte voor dit gerecht runderbouillon. Zet een fles witte wijn klaar.
Een uitje of sjalotje in hele kleine stukjes (niet veel groter dan de rijstkorrels) snijden, een knoflookteen pletten en heel fijn snijden. Fruit, ui en knoflook kort aan in olijfolie en voeg de gewenste hoeveelheid risotto toe en fruit de rijst mee tot deze glazig is. Voeg een flinke scheut wijn toe waarmee je de rijst afblust. Roer het geheel goed door. En voeg een kopje bouillon toe. Roer het geheel goed door. Laat de rijst op laag vuur langzaam zijn werk doen en voeg steeds een beetje vocht (bouillon, eventueel nog een scheutje wijn) toe als deze bijna is opgenomen. Herhaal dit tot de rijst smeuig, maar niet kledderklef is. Ik schat zo ongeveer een half uurtje al met al. Voeg op het laatst geraspte parmezaanse kaas toe.
Wij aten er varkenshaas bij. Gewoon gekruid met zout en peper in boter gebakken. Bij varkenshaas bestaat er kans op een droge hap, zorg dus dat het vlees niet te gaar wordt. Verhit de boter, schroei het vlees snel dicht zodat de sappen niet verloren kunnen gaan en gaar in ongeveer 10 minuten op gematigd vuur, afhankelijk van de grootte van het stuk vlees.
Lekker met broccoli of een salade.